ALPE D’HUZES 2020 / 1. EEN WERELD VOL EVA’S

 

Op maandag 9 december 2019 stapte ik om zestien minuten over elf voor het eerst sinds jaren een klaslokaal binnen. De klas rook naar klas, zoals de school naar school en de gang naar gang had geroken toen ik Eva achternaliep.

Juf Marit stelde zich voor als juf Marit.

Bij de deur van Eva’s klaslokaal stoof een groep drukke jongens uiteen en enkele beugel dragende meisjes stootten elkaar giechelend aan. Het feest der herkenning van veertig jaar geleden was al begonnen voordat ik er zelf erg in had.

De wangen van Eva waren vuurrood. Ze had me even ervoor bij de schoolingang opgewacht. Ze vroeg niet of ik de school makkelijk had kunnen vinden (mijn standaard-openingsvraag als ik gasten van buitenaf ontvang). Kinderen bewandelen nu eenmaal niet de paden die door ons volwassenen plat zijn getreden.

Een paar weken geleden had Eva me een mailtje gestuurd:

 

Beste Marco,

ik ben Eva (de dochter van Stephan) en ik hou samen met een aantal kinderen uit mijn klas, mijn werkstuk over de Alpe d’ HuZes. Ik moet een hoofdstuk schrijven over persoonlijke verhalen en daarom heb ik een paar vragen bedacht, die ik aan u en papa wil stellen. Mijn vraag is dus of u die zou willen beantwoorden (als u daar tijd voor heeft?).

Namelijk – Waarom doet u mee aan de Alpe d’ HuZes? – Hoe vaak heeft u al meegedaan? – Wat is uw mooiste herinnering eraan? – Heeft u mensen in het bijzonder voor wie u fietst? – Wat betekent Alpe d’ HuZes voor u?
Ook wil ik vragen of u het misschien leuk vindt (in de week van 9 dec, wanneer u tijd heeft) om bij mij op school in Barendrecht tijdens onze presentatie iets te vertellen over de Alpe d’ HuZes en uw boek dat u pas heeft geschreven? 

 

Ik had haar vragen netjes beantwoord en we maakten over de e-mail een afspraak voor maandag 9 december om kwart over elf.

In de auto onderweg naar Eva’s school had ik moeten denken aan woensdag 17 juli 2019, de dag dat wij het foto- en verhalenboek Alpe d’HuZes 2019 aan alle deelnemers van de Rotterdam Fund Racers overhandigden. Gezeten aan een lange rechthoekige leestafel had Eva het boek gelezen en dan niet op zo’n geslepen “kijk-mij-eens-net-doen-alsof-mij-dit-boek-interesseert” manier waaraan menig kind van die leeftijd zich bezondigt, maar aandachtig en oprecht.
Ze had gehuild, snikte dat ze het zo zielig vond, mensen met kanker, en daarna ging ze met haar papa en mama naar huis met de gedachten die bij een kind van tien jaar horen. Op die leeftijd wordt de kwetsbaarheid van leven (en de eindigheid ervan) van de een op de andere dag een gegeven.

Ik had die zomeravond met Eva te doen. We willen kinderen beschermen tegen alle leed dat het leven voor ons in petto heeft, maar die wens is de vader van de gedachte en die gedachte weet wel beter.

Eva las het verhaal van fietsvriend Danny die fietst met een zakje dat volwassen mensen een stoma noemen. Danny kocht nieuwe schoenen voor zichzelf iedere keer als de dokter bij controle had gezegd dat hij geen kanker had. Ze las het verhaal van fietsvriend Arjan die zijn beide ouders aan kanker had verloren. Op de foto in het boek lachte Arjan heel vriendelijk. Hij stond met zijn zoontje bij het graf van zijn ouders.

Eva wilde iets doen.

Ze wilde vooral dat Danny’s huis te klein zou worden voor al zijn nieuwe schoenen en ze hoopte dat het zoontje van Arjan zijn ouders veel langer zou mogen hebben dan Arjan zijn papa en mama had gehad.

 


 

En zo kwam het dat op deze maandag 9 december 2019 Eva om tien minuten voor half twaalf voor haar klas stond. Twee meiden stonden rechts en twee links van haar. Terwijl Juf Marit zojuist water in een koffiemok voor me inschonk, hadden de meiden zich voorgesteld als Julia, Nektaria, Evi en Nina.

Zij legden nu om de beurt, zin voor zin, aan de klas uit wat Alpe d’HuZes inhield. Ik voelde een gevoel van plaatsvervangende trots in me opwellen.

De wereld heeft alleen zin als de toekomst er klaar voor is.

Op de beamer verschenen de logo’s van de Rotterdam Fund Racers en van Alpe d’HuZes. Daarna volgde een profielfoto van ambassadrice Chantal Blaak die nu Chantal van den Broek-Blaak heet.

(note to self: website RFR moet worden aangepast)

Eva kondigde mij aan als de vriend van papa, de vijf meiden maakten plaats voor me, applaus begeleidde me naar de plek voor de beamer waarop mijn ambassadeursfoto werd getoond. Voor een ogenblijk knikte ik naar mijzelf alsof ik mijn alter ego begroette.

(note to self: niet alsóf, je begroette jezelf weldegelijk)

Ik stelde mezelf zo informeel mogelijk voor.
Naam. Bijnaam. Leeftijd. Functie.
Marco. De Spookrijder (maar de SpookrijderT mocht ook). Negenenveertig jaar en eenenvijftig weken. Ambassadeur Rotterdam Fund Racers.

(note to self: ouwe lul wordt over precies zeven dagen 50 jaar)

Ik moest de klas gaan vertellen over kanker.

(note to self: leg de ernst uit van de ziekte, maar maak de kinderen niet bang)

Dat was allemaal zojuist. Een seconde geleden. Misschien minder. Maar nú is ineens nú geworden. De realiteit van het nu bestaat uit een schoolklas (twee betonnen muren en twee glazen wanden die uitzicht bieden op de gang die naar naar gang rook en op de buitenspeelplaats van de school), uit de klasgeur van klas, uit de veertig nieuwsgierige ogen van een twintigtal kinderen, uit de serieuzere blik van juf Marit die achter in de klas had plaatsgenomen (zij zat achter een laptop en het angstige gevoel bekroop me alsof niet alleen Eva, Julia, Nektaria, Evi en Nina, maar ook ík beoordeeld werd) en uit Mila en Stephan, de trotse ouders van Eva.

 

 

Ik kijk de klas in en begin mijn verhaal:

‘Je hebt heel veel soorten kanker, maar de mensen zélf kan je eigenlijk simpel verdelen in twee groepen. Aan de ene kant heb je mensen die kanker krijgen terwijl ze zo gezond mogelijk leven om géén kanker te krijgen. Aan de andere kant heb je mensen die kanker krijgen die ongezond leven en die dus eigenlijk, heel raar, een veel groter risico nemen om kanker te krijgen. Dat wíllen ze natuurlijk niet, maar het risico is natuurlijk wel groter…Vreemd hè?’

Het is doodstil in de klas.

‘Kanker is geen scheldwoord in een voetbalstadion of in het verkeer. Kanker is een ziekte, kanker is een vreselijk oneerlijke ziekte. Kanker heeft nog veel te veel met pech te maken. Zelfs kinderen kunnen het op jonge leeftijd krijgen. Dáár willen en moeten we wat aan doen.’

Eva, Julia, Nektaria, Evi en Nina staan in een rijtje links van me. Ze houden nerveus hun spreekbeurt vast.

‘Zoals gezegd is kanker voor een groot deel te voorkomen en voorkomen is beter -en ook goedkoper- dan genezen. Weten jullie hoe kanker voorkomen kan worden?’

De toon is gezet, de sfeer wordt wat meer ontspannen. Armen, handen en vingers vliegen omhoog. Zelfs de stoere jongens in het midden van de klas doen volop mee en kunnen niet wachten om de beurt te krijgen. De wijsvingers van één hand wijzen kaarsrecht naar het plafond, de andere hand houdt de wijs-arm bij de ellenboog vast. De stiksels van hun kleding rondom hun oksels staan onder hoogspanning. Met moeite blijven ze zitten op hun stoel.

‘Groente! Fruit! Meer bewegen! Niet roken mijnheer!’

‘Heel goed allemaal! Spreek je ouders, broers, zussen, ooms, tantes, opa’s en oma’s er maar op aan vanavond…. dat ze sowieso moeten stoppen met roken. Kennen jullie rokers in jullie omgeving?’

Achterin de klas gaat heel voorzichtig een vinger omhoog. Het is de vinger van juf Marit.

‘Rookt u, juf Marit?’, vraag ik haar met de niet geheel gespeelde vermanende intonatie van een verbolgen Sinterklaas.

‘Nee ík niet…’, antwoordt juf Marit, ‘maar mijn vriend wel…’

Het wordt ineens weer stil in de klas.

‘Laten we proberen zo veel mogelijk rokers te laten stoppen. Iedereen kent wel iemand, helaas. Maar we moeten ook proberen om mensen méér te laten bewegen. Beter op hun voeding te letten. Díe groep moeten we proberen kleiner te maken.’

Roken is stom, zo spreken we af. En veel bewegen is goed. Dat spreken we ook af.

Kanker heeft een gezicht. Kanker zit vanavond met je aan tafel en voelt morgenochtend een knobbeltje bij haar tepel.

Ik zoek veel interactie met de kinderen die mij het Rotterdam Fund Racers-hemd van het lijf vragen. Hoe lang is de Alpe? Hoe hoog is de Alpe? Mag je ook stoppen? Hoe hard rijdt u de berg af? Heeft u wel eens iemand zien vallen? Had die bloed? Ging die dood? Viel die echt ván de berg af zo naar beneden toe?

Maar ook ík wil van alles weten. Waarom is er eigenlijk geld nodig? Wat doet het KWF met het geld? Op welke manieren kan je aan mensen vragen geld te doneren? Maakt het uit hoe vaak je de Alpe op fietst? Wie weet wat een chronische ziekte is? (Nee niet Gronings… chronisch!).

Ik vertel ze dat ik over de Rotterdam Fund Racers. Over Hand in Hand Vastberaden. Over de kameraadschap.

 

Na mijn presentatie maken de meiden hun spreekbeurt af, maar niet voordat ik om een keihard applaus heb gevraagd voor Eva en haar vriendinnen.

Ze weten te vertellen dat Alpe d’HuZes in 2006 begonnen is, dat de 14 edities bij elkaar maar liefst 150 miljoen euro heeft opgebracht. Ze leggen ook uit waar de Alpe precies ligt, hoeveel bochten de Alpe d’Huez telt, en hoeveel geld de Rotterdam Fund Racers hebben opgehaald.

Tot slot houden ze een quiz om te kijken of er goed is opgelet:

‘In de Alpen! Eénentwintig bochten! Bijna één miljoen euro!’

Trotsheid is een gegeven, net als een koud washandje dat ieder kind van tijd tot tijd in de nek van een volwassene zou moeten leggen. Gewoon. Om bij de les te blijven.

Na afloop geeft Eva mij een doos Merci chocolaatjes. Ze is blij dat het erop zit.

Ik merci haar, haar vriendinnen Julia, Nektaria, Evi en Nina, haar klasgenoten en haar juf Marit voor de gastvrijheid.

Met mijn vrouw en mijn inmiddels volwassen dochters bespreek ik diezelfde avond de spreekbeurt van Eva. Ik herhaal dat de wereld alleen zin heeft als de toekomst er klaar voor is. Maar andersom is evenzeer waar. Dat de toekomst alleen zin heeft als de wereld er klaar voor is.

‘Zat de wereld maar vol Eva’s’, zeg ik.

‘Daar proosten we op pap.’

 

***

 

Dank aan Eva, Julia, Nektaria, Evi en Nina

Dank aan juf Marit en aan alle kinderen van klas 8D van de Christelijke Basisschool Smitshoek

Dank aan Stephan en Mila

***

Ondersteun de Alpe d’HuZes actie van Eva’s vader Stephan Burger of die van mij middels een donatie!

Namens alle (ex-)patiënten dank!

 

(Ook interesse in een lezing/presentatie op (jo)uw school, bedrijf, vereniging of organisatie? Neem dan vrijblijvend contact met me op).

 

FOTOGALERIJ

 

“De wereld heeft alleen zin
Als de toekomst er klaar voor is.”

 “De toekomst heeft alleen zin
Als de wereld er klaar voor is.”

 

 

Tagged under:

Spookrijden. Achteruit rijdend, met het verkeer mee. Geen paniek, want It's Life And Life Only. Windje tegen, de Brug op. Fietsen als een forel. Met een harslaag over mijn wortels. De B-kant van een singletje. En de terugweg. De schoonheid van verval. De Paus handje drukkend met Joop Zoetemelk. De film met de geruststellende gedachte aan de slechte afloop. De laatste lik pindakaas, Tammy Wynette op, Feyenoord nooit meer kampioen. En splinters, overal splinters. In onze gespleten stad. En Broes (tegen de kou). Meegezogen, vuistdiep, die trechter in. Hij. Zij. Wij. Spookrijders.

2 Reacties

  1. Raymonde Hendriks Antwoord

    Mooi dat het verspreiden van begrip kanker op een verantwoorde manier aan de jeugd doorgegeven kan worden. Het blijft een moeilijk onderwerp en op deze manier zal er goed over nagedacht worden om in de toekomst zo gezond mogelijk te leven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Log In or Sign Up